We appen!

Door Leonie van Dijk

9,8 miljoen Nederlanders maken gebruik van WhatsApp, waarvan 7 miljoen dagelijks. Ook zakelijk wordt WhatsApp steeds meer ingezet.


Een leuk voorbeeld daarvan vind ik Suit Supply. De herenmodezaak gebruikt WhatsApp als servicekanaal om klanten te adviseren bij de aankoop van producten:

 

Suitsupply conversation

 

Er wordt dagelijks wat aan en af geappt. Gemiddeld ontvangen we 65 appjes per dag. Opvallend is dat vier op de tien Whatsappers de dienst ook voor zakelijke doeleinden gebruikt.

In de praktijk zien we dat ondernemers steeds vaker hun afspraken via WhatsApp vastleggen. Dan denk ik bijvoorbeeld aan de aannemer, die onlangs vertelde prijsafspraken met zijn klanten te maken via WhatsApp. Gezien het aantal gebruikers is het niet gek dat er via WhatsApp allerlei afspraken op zakelijk gebied worden gemaakt. Interessant om dus eens te kijken hoe het juridisch in elkaar steekt.

Een overeenkomst komt tot stand wanneer een aanbod wordt aanvaard. Voor een rechtsgeldige overeenkomst geldt er in principe geen vormvereiste. Dit betekent dat je een overeenkomst in iedere vorm kan aangaan: mondeling, schriftelijk of stilzwijgend. Of zelfs met een gebaar. Denk bijvoorbeeld aan het opsteken van je hand op een veiling.

Zou een overeenkomst of een afspraak via een simpel appje dan ook rechtsgeldig zijn? Het antwoord op deze vraag is ‘ja’! Indien je een aanbod van een ander via WhatsApp accepteert of een afspraak maakt via WhatsApp, dan zit je daar in principe aan vast. De andere partij kan dan afdwingen, desnoods via de rechter, dat je de gemaakte afspraak nakomt.

Dit geldt alleen niet voor overeenkomsten waar de wet wél een vormvereiste aan stelt. Zo moet de koop van een woning altijd gebeuren via een schriftelijke koopovereenkomst.

Wat zegt de rechter over de bewijskracht van een WhatsApp-bericht? Door rechters in Nederland wordt er steeds vaker bewijskracht toegekend aan WhatsApp-berichten. Zo oordeelde bijvoorbeeld de Rechtbank Amsterdam in 2015 dat een ontslagmededeling via WhatsApp gezien mag worden als een rechtsgeldige aanzegging. En vice versa; een werkgever die zijn werknemer in 2016 via WhatsApp ontsloeg werd ook in zijn gelijk gesteld.  WhatsApp-berichten worden als bewijsmiddel geaccepteerd, mits deze duidelijk en ondubbelzinnig genoeg zijn.

In de jurisprudentie wordt vaak gerefereerd naar de rechtsgeldigheid van emails. Qua rechtsgeldigheid is er echter een belangrijk verschil tussen email en Whatsapp: bij Whatsapp kan worden aangetoond dat de ontvanger het bericht ook daadwerkelijk heeft ontvangen (en heeft gelezen). De vinkjes zorgen daarvoor. Dit kan een groot bewijstechnisch voordeel zijn voor het gebruik ervan.

Vind je het leuk om meer te lezen over het inzetten van Whatsapp als servicekanaal dan is dit een interessant artikel: https://www.frankwatching.com/archive/2016/02/16/hoe-wordt-whatsapp-zakelijk-ingezet-resultaten-eerste-onderzoek-in-nederland/

Bron: Sprout, Frankwatching.